Naresuan werd geboren in Phitsanulok en al jong gegijzeld door de Birmezen om de trouw van zijn vader Maha Tammaraja te verzekeren, die koning werd van het koninkrijk Ayutthaya nadat het bezet was door de Birmezen in 1569. Nadat hij negen jaar van zijn jeugd had doorgebracht in Pegu onder de bescherming van de Birmese koning, Burinnaung de Grote, werd Naresuan geruild met zijn zuster Prinses Suparntevi op 16-jarige leeftijd, en werd gouverneur van Phitsanulok. Hij was zeer getraind door de Birmese koning in krijgskunde, literatuur, militaire strategie, alsof hij zelf een Birmese prins was.
In 1584 weigerde Siam nog verder tribuut aan Birma af te dragen, wat onvermijdelijk leidde tot een aanval door het Birmese leger.
Naresuan vocht terug, en in 1586 bezette hij Lanna, een bufferstaat tussen beide koninkrijken.
In 1590 overleed zijn vader de koning, en Naresuan werd officieel leider van het koninkrijk. In 1591 begonnen de Birmezen een nieuwe aanval, die Naresuan afsloeg door in een persoonlijk duel op de rug van een olifant de Birmese kroonprins Minchit Sra te doden, nabij Nong Sarai (Suphanburi). Het jaar erop viel
Naresuan zelf Tenasserim aan, het jaar daarna Cambodja. (bron: Wikipedia)
Standbeeld uit
Muang Boran of The Ancient City, panoramio:
N13°32'46.7" E100°37'39.7"